• " "Uw goedertierenheid, HEERE! zij over ons" " Psalm 33 : 22a

Meditatie

Ruimte in het Vaderhuis

 

In het huis Mijns Vaders zijn vele woningen; anderszins zo zou Ik het u gezegd hebben; Ik ga heen om u plaats te bereiden.

Johannes 14:2

 

Rond Hemelvaartsdag is het goed om onszelf eens de vraag te stellen: wat is de waarde van de Hemelvaart van de Heere Jezus? Goed, we geloven het. Hoewel dat ook al niet meevalt. Geloven dat Hij lichamelijk opvoer naar de hemel en dat Hij lichamelijk in de hemel is. Niet te begrijpen. Maar hopelijk geloven we het, aanvaarden we wat God ervan zegt in Zijn Woord. Maar dan zitten we nog steeds met de vraag: wat is nu de waarde van Christus’ vertrek naar de hemel?

De Heidelbergse Catechismus zegt er prachtige dingen over. Hij is in de hemel werkzaam als onze Voorspraak, onze Advocaat, Hij Die voor ons pleit. Dat is één. Hij zendt ons vanuit de hemel Zijn Heilige Geest, door Wiens kracht we een hemelsgezind leven leiden. Dat is drie. Maar het gaat me nu vooral om het tweede dat de Catechismus noemt: “Ten andere, dat wij ons vlees in de hemel tot een zeker pand hebben, dat Hij, als het Hoofd, ons, Zijn lidmaten, ook tot Zich zal nemen.” Wat moeilijk gezegd misschien, maar de inhoud is heel rijk! Christus’ hemelvaart is de garantie van mijn hemelvaart…

Mijn hemelvaart. Maar dat kan toch niet? De hemel is voor ons toch gesloten? Meent u dat? Dat is heel wat gezegd, hoor. De hemel gesloten. Inderdaad, potdicht voor mensen van nature. Natuurlijk wil iedereen graag in de hemel komen. En het liefst willen we ook nog een hemel op aarde. Dan hebben we er twee. Prachtig zou dat zijn… Mag je dan niet verlangen om in de hemel te zijn? Natuurlijk wel! Maar als de Heilige Geest in je hart gaat werken, leer je dat je vanuit jezelf die hemel niet in kunt. Met deze zondaarsplunje pas ik niet in dat heiligdom. Zwart als ik ben, zal ik in dat helderwitte Vaderhuis meteen opvallen en uit de toon springen. Ik zal worden weggestuurd en buitengeworpen, zoals die man zonder bruiloftskleed…

Maar het geloof weet meer. Gode zij dank. Want wat zou het een verdrietige Hemelvaartsdag zijn als dit het enige was. Nee, het gaat op Hemelvaartsdag niet om mijn hemelvaart, maar om de Zijne! Hij, de heilige Zoon van God, is de hemelen doorgegaan. Hij is binnengegaan in het hemels heiligdom. Hij is thuisgekomen bij Zijn Vader. Wat moet dat heerlijk zijn geweest! Wat een weerzien! De Zoon weer aan de boezem van de Vader. Of, anders gezegd, aan Zijn rechterhand.

Maar wat heb ik daaraan? Daar heeft u werkelijk alles aan. Mits u het gelooft. Mits u in Hém gelooft. Want wie in Hem gelooft, mag weten: Hij heeft door Zijn heengaan een plekje voor mij gereedgemaakt. Hij heeft voor dat plekje betaald. Duur betaald. Zijn heengaan was een bloedig heengaan. Hij heeft Zichzelf totaal gegeven. Hij, Die bij uitstek in de hemel hoorde, wilde tot in de hel neerdalen. En Hij is met Zijn bloed het heiligdom binnengegaan. De Vader weet het en de Vader verlangt ernaar: alle woningen, alle verblijfplaatsen in het Vaderhuis zullen bewoond worden. Op kosten van de Zoon.

En let erop: In het huis Mijns Vaders zijn vele woningen. Daar is een overvloed aan ruimte. Voor al die mensen die weten dat ze niet zomaar de hemel binnenwandelen, integendeel! Maar juist daarom een beroep doen op Christus’ werk. Kom maar, wie u ook bent, maak toch gebruik van deze Zaligmaker! Dan is uw plaatsje op de nieuwe hemel en aarde verzekerd. Nee, zo voelt het vaak niet. Dat weet ik ook wel. Dat weet Christus ook wel. Daarom wijst Hij Zijn discipelen

op de ruimte die er is in het Vaderhuis. Voor al Zijn broeders en zusters is een plek gereserveerd. Ook voor mij! En het feit dat Hij nu in de hemel is, betekent dat ik er zeker zal komen. Want ik ben door de genade van het geloof één met Hem. En Hij bidt: “Vader, Ik wil dat waar Ik ben, ook die bij Mij zijn, die Gij Mij gegeven hebt; opdat zij Mijn heerlijkheid mogen aanschouwen, die Gij Mij gegeven hebt” (Johannes 17:24). We zullen Zijn heerlijkheid aanschouwen. We zullen Hem ontmoeten, in het Vaderhuis met de vele woningen. Hij staat daar centraal! En daar is ook Zijn Vader. Natuurlijk, het is Zijn huis! Kind aan huis bij die grote God! O, blij vooruitzicht, dat mij streelt!

 

Ds. T.A. Bakker, Nieuwe-Tonge

  • © hersteld hervormde kerk 2021